Een goede KPI logistiek maakt zichtbaar waar je afdeling goed presteert en waar verbetering nodig is. Je begint daarom met een helder overzicht van de belangrijkste processen. Denk aan inkoop, voorraadbeheer, magazijnwerk, transport en orderverwerking.
Daarna bepaal je welke resultaten de meeste invloed hebben op kosten, levertijd, kwaliteit en klanttevredenheid. Deze logistieke prestatie-indicatoren geven richting aan dagelijkse keuzes. Ze helpen je ook om logistieke doelstellingen concreet en meetbaar te maken.
Maak onderscheid tussen strategische, tactische en operationele KPI’s. Strategische indicatoren tonen de ontwikkeling op lange termijn. Operationele KPI’s geven juist snel inzicht in de uitvoering van orders, voorraad en transport.
Kies liever enkele duidelijke KPI’s dan een lange lijst. Leg per indicator vast wat je meet, hoe je de data verzamelt, wie verantwoordelijk is, hoe vaak je rapporteert en welke doelwaarde geldt. Zo wordt KPI-sturing een vast onderdeel van effectief logistiek management.
Betrouwbare data is daarbij onmisbaar. Met slimme sensoren in magazijnen krijg je sneller inzicht in prestaties per artikel en werkstation. Dat helpt je om afwijkingen eerder te signaleren en gericht bij te sturen.
KPI logistiek: bepaal welke prestaties je wilt meten
Een sterk KPI-plan begint bij de organisatiedoelstellingen. Bepaal eerst wat voor jouw bedrijf telt: klanttevredenheid, lage kosten, snelle levering of constante groei. Vertaal elk doel naar een logistieke prestatie die je kunt volgen.
Beperk het dashboard tot de belangrijkste logistieke KPI’s. Een lange lijst maakt afwijkingen minder zichtbaar. Kies per doel enkele indicatoren met een vaste definitie, databron, verantwoordelijke en norm.
Koppel logistieke KPI’s aan de organisatiedoelstellingen
Staat klanttevredenheid centraal? Meet dan OTIF: het percentage orders dat op tijd en volledig wordt geleverd. De levertijd, het aantal klachten en de orderkwaliteit geven extra inzicht in de klantbeleving.
Bij kostenbeheersing logistiek kijk je naar transportkosten per zending, magazijnkosten per order en de voorraadwaarde. De omloopsnelheid van voorraad laat zien hoeveel kapitaal in voorraad blijft vastzitten.
Kies meetbare KPI’s voor kosten, snelheid en kwaliteit
Gebruik voor snelheid de gemiddelde doorlooptijd, picktijd en dock-to-stocktijd. De beladingsgraad toont hoe goed je beschikbare transportcapaciteit wordt benut. Het aantal incidenten maakt problemen bij transport en handling zichtbaar.
Beschrijf elke KPI in eenvoudige taal. Leg vast welke formule geldt en welke gegevens je gebruikt. Een Transport Management System, Warehouse Management System of ERP-systeem kan de basis vormen. Denk aan Transporeon, Manhattan of SAP.
Je kunt real-time transportdata volgen via dashboards, tablets en gps-tracking. Excel en Power BI helpen bij analyses. Een routeplanningstool zoals ORTEC geeft extra inzicht in ritten en capaciteit. Wie meer wil weten over de dagelijkse taken van een planner, leest wat een logistiek planner doet.
Stel realistische normen en doelwaarden vast
Bepaal doelwaarden op basis van historische resultaten, klantafspraken en beschikbare capaciteit. Marktgegevens kunnen helpen om de norm scherper te maken. Een doel voor OTIF moet passen bij de belofte die je aan klanten doet.
Leg per KPI vast wie de score controleert en welke afwijking acceptabel is. Een planner kan de levertijd bewaken, terwijl een teamleider de orderkwaliteit volgt. Zo weet iedereen welke actie bij een afwijking hoort.
Logistieke prestaties meten met betrouwbare data
Betrouwbare KPI’s beginnen bij vaste en controleerbare gegevens. Leg per indicator vast welke bron je gebruikt. Denk aan een ERP-systeem, financiële administratie, scanregistratie, WMS of TMS. Zo weet je waar orderstatussen, voorraadmutaties, levertijden en retouren vandaan komen.
Goede datakwaliteit logistiek vraagt om duidelijke definities. Spreek af wat je bedoelt met op tijd geleverd, volledig geleverd, beschikbare voorraad en beschadigde zending. Leg ook meetmomenten, tijdzones en uitzonderingen vast. Een order die door de klant of vervoerder is aangepast, vraagt om een aparte registratie.
Gebruik logistieke dashboards om actuele prestaties te vergelijken met je doelwaarden. Je kunt trends bekijken per locatie, productgroep, klant of vervoerder. Realtime data maakt het makkelijker om een vertraging, voorraadtekort of afwijkende levertijd snel te herkennen.
- Controleer dagelijks orderstatussen en voorraadmutaties.
- Vergelijk leveringen met de afgesproken norm.
- Markeer ontbrekende, dubbele of gewijzigde registraties.
- Beperk handmatige invoer waar een koppeling mogelijk is.
Een periodieke controle voorkomt dat foutieve registraties je KPI’s vertekenen. Laat medewerkers weten waarom een juiste scan of status belangrijk is. Een supply chain manager kan deze afspraken bewaken en bespreken tijdens een dagelijkse stand-up.
Leg vast wie de gegevens beheert en hoe vaak je de bronnen controleert. Koppelingen tussen ERP, WMS, TMS en rapportagetools verkleinen de kans op verschillen. Zo ontstaat een vaste basis voor voorraadbeheer, leverbetrouwbaarheid en logistieke kosten.
Stuur je logistieke afdeling bij met KPI-rapportages
Een KPI-rapportage laat niet alleen zien wat er is gebeurd. Je gebruikt de informatie vooral om gericht bij te sturen. Bespreek de resultaten op een vast moment met magazijn, planning, inkoop, transport en klantenservice. Een logistiek dashboard maakt trends en afwijkingen snel zichtbaar voor alle betrokken teams.
Onderzoek eerst de oorzaak voordat je een maatregel kiest. Een lage leverbetrouwbaarheid kan komen door voorraadtekorten, een te strakke planning, beperkte vervoerscapaciteit of fouten in de orderverwerking. Met een goede afwijkingsanalyse voorkom je dat je alleen de gevolgen bestrijdt.
Leg per afwijking vast welke actie nodig is, wie verantwoordelijk is en welke deadline geldt. Noteer ook wanneer je het effect controleert. Zo ontstaat een praktisch actieplan logistiek dat medewerkers houvast geeft en verbeteringen meetbaar maakt.
Combineer dagelijkse rapportages met wekelijkse of maandelijkse trendanalyses. Daarmee zie je zowel acute problemen als structurele ontwikkelingen. Pas KPI’s aan wanneer processen, klantafspraken of organisatiedoelen veranderen. Zo bouw je aan continue verbetering: meten, analyseren, bijsturen en opnieuw evalueren.








